Zelfvoorzienend
Ik ken hem al jaren. Hij is inmiddels 86 jaar en nog even kwiek als toen hij 35 was. Zijn naam is niet van belang, zijn daden des te meer. Hij is klein van stuk en valt niet op. Dat geldt ook voor wat hij doet. Zoals hij zijn er velen die de maatschappij hebben opgebouwd en nog altijd hun steentje bijdragen; de zelfvoorzienende generatie aan wie wij zoveel te danken hebben.
Wie voor zichzelf kan zorgen zonder hulp van anderen, is zelfvoorzienend. In de zorgverlening en in de Wet maatschappelijke opvang hanteert men liever het woord zelfredzaamheid. Naar mijn idee dekt dit woord niet helemaal de lading. ‘Redden’ roept associaties op met ‘het kan nog net’ of zoals de Zeeuwen zeggen ‘ik worstel en kom boven’. Terwijl ‘zelfvoorzienend’ onafhankelijkheid en kracht uitdrukt.
Mijn hoogbejaarde kennis heeft het geschenk van de eeuwige jeugd gekregen. Nog niet zo lang geleden ging het bijna mis toen hij een hartinfarct kreeg. Dankzij het doortastende optreden van zijn inmiddels 77-jarige vriendin heeft hij het overleefd. Een paar maanden later zat hij, alsof er niets was gebeurd, weer op de fiets en deed hij de boodschappen, maaide hij weer het gras, waste hij de ramen en poetste hij met zijn ‘lief’ het huis van boven tot onder. Niet klein te krijgen en samen weer volledig zelfvoorzienend.
Wanneer de huishoudelijke taken zijn volbracht, is er ruimte voor de gezamenlijke hobby die intensief wordt beleefd: dansen. De tango, de quickstep, de rumba, de paso doble of de jive, je kunt het zo gek niet bedenken of het stel beheerst de kunst. Ze blijven er fit, jong en vrolijk bij. In maart, juist tijdens zo’n heerlijke dansmiddag, sloeg het noodlot toe: zij kreeg een hersenbloeding. Opname in het ziekenhuis en daarna verblijf in een revalidatiecentrum volgden.
Voor hem brak een drukke tijd aan. Hij week nauwelijks van haar zijde en nam al in het ziekenhuis actief deel aan haar revalidatie. De behandelaren keken verbaasd toe hoe het paar het herstel aanpakte en hoe snel zij opknapte. Dat hadden zij nog nooit meegemaakt! Zou dat door het dansen komen? Naar huis gaan was nog geen optie. Er moesten eerst wat aanpassingen komen en dat zou wel even kunnen duren. Een teleurstelling.
Daar waar goede raad duur is voor veel mensen, ging hij niet bij de pakken neerzitten. In de badkamer schroefde hij wandbeugels zodat zij zich kan vasthouden. Aan de trap bevestigde hij een tweede leuning voor meer stabiliteit. Om struikelen te voorkomen, gingen losliggende matten naar de zolder. Bij de voor- en achterdeur maakte hij een drempelhulp. En dat alles met een vakmanschap waaraan je een puntje kunt zuigen. Het resultaat: zij kon naar huis.
Eenmaal thuis is de revalidatie onder begeleiding van een fysiotherapeut voortgezet. Natuurlijk doet hij mee! Wijkzorg is niet nodig, want zij kan bij de dagelijkse verzorging op zijn hulp rekenen. In huis kan zij zich goed redden. Er zijn nog kleine restverschijnselen van de hersenbloeding, maar rustig dansen is weer mogelijk. En dat gaan ze weer doen, maar eerst met de bus op vakantie naar de zon.
Met grote bewondering heb ik het proces gevolgd hoe dit bejaarde Helmondse paar de regie over het leven weer terugpakte. Dat ze een uitzondering op de regel zijn wil ik niet geloven. Beiden zijn een exponent van wilskracht en creativiteit. Ze vertegenwoordigen een generatie waar we trots op mogen zijn. Mensen die niet bij de pakken neerzitten en weer zelfvoorzienend willen zijn. Dat wilde ik u vertellen.